Segmentatie Flandria®-tomaten 2015

Doorgedreven gebruikswaardeonderzoek en praktijkervaring blijven de basis voor de segmentatie van Flandria-tomaten. Nieuw is dat minimale criteria voor de kwaliteitsaspecten een nog objectievere beslissing voor de segmentatie garanderen. Smaak wordt ook een belangrijke verkooptroef.

Solide basis voor handel
De Flandria-tomatensegmentatie biedt de handel dit jaar weer 'tomaten naar ieders smaak'. Ook voor de segmentatie 2015 werden nieuwe variëteiten beoordeeld op teelt-, kwaliteit- en smaakeigenschappen. De basis voor de rassenindeling is traditioneel het gebruikswaardeonderzoek dat wordt uitgevoerd op de praktijkcentra (*). Deze procedure resulteert in een breed gamma met een scala van smaken, kleuren, maten en vormen.
Uniforme segmenten is commercieel gezien erg belangrijk. Kopers willen telkens hetzelfde product als ze voor een bepaald segment kiezen. De veilingcoöperatie LAVA waakt erover dat het aantal variëteiten binnen één segment beperkt blijft. Ze kiest enkel variëteiten die wat kwaliteit en uitzicht betreft erg vergelijkbaar zijn om een homogeen product binnen eenzelfde segment te garanderen,  ongeacht van welke teler. Deze garantie vormt een solide basis voor de handel.

Werken met KO-criteria
Nieuw is dat de rassenlijst voor de segmentatie van 2015 tot stand is gekomen door het toepassen van minimale criteria voor de kwaliteitsaspecten van de nieuwe tomatenrassen. Zo wordt op objectievere manier tewerk gegaan om te bepalen of een ras al dan niet in aanmerking komt om in een bepaald segment te worden opgenomen. Daarvoor werd een systeem van KO (knock out)-criteria opgemaakt. Wat houdt dit in? Elke variëteit moet een minimale score behalen voor de parameters die voor een bepaald segment belangrijk zijn. Die parameters zijn kleur, hardheid, groene delen, productie, krimpscheurtjes, het oordeel van de keurders... maar ook de smaak. Dit heeft geleid tot een nog objectievere beslissing over de segmentatie.

Smaak belangrijk criterium
Bij het segment Elite (fijne trostomaat) wordt al enkele jaren consequent ingezet op de smaak als extra criterium om variëteiten al of niet toe te laten. Rassen waarvan kleur, hardheid, vorm enz. perfect beantwoorden aan de kenmerken van dit segment, maar voor het criterium smaak onvoldoende scoren, worden niet toegelaten.
Nieuw is dat nu ook de andere segmenten aan een minimale smaakscore moeten beantwoorden, op basis van een aantal metingen en beoordelingen. Vooreerst werden alle Brix-metingen verzameld die zowel op de proefcentra als op het VCBT werden uitgevoerd. Daarnaast werden alle bestaande en nieuwe variëteiten onderworpen aan een smaaktest door een consumentenpanel. Alleen de rassen met hoge Brix-waarde én een goede score van het panel komen in aanmerking voor opname in het segment.

Veel aandacht voor kleur
Resultaten van enquêtes vertellen dat de consument bij ons de voorkeur geeft aan dieprode, glanzende vruchten. Daarom worden al jaren kleurenmetingen uitgevoerd met een Minolta-kleurenmeter, die bepaalt tot welk kleurtype de vruchten behoren. Ook hier speelt het smaakpanel een belangrijke rol. Indien de consument een tomaat te bleek of te rood vindt, en dit ook uit de kleurenmetingen blijkt, wordt het betreffende ras niet opgenomen in een segment.

Een tomaat kan ook te hard zijn
De hardheid van tomaten staat al jaren centraal bij de beoordeling. Hardheid is een belangrijke maatstaf voor de houdbaarheid. Bij smaaktests blijkt echter dat consumenten een tomaat ook wel eens te hard vinden. Ook een minimale hardheid werd dit jaar als KO-criterium ingesteld en te harde vruchten worden niet in de segmentatie opgenomen.

Bron: Flandria®-rapport 2014

(*) Het gebruikswaardeonderzoek tomaat wordt uitgevoerd door het Proefstation voor de Groenteteelt (PSKW, Sint-Katelijne-Waver), het Proefcentrum Hoogstraten (PCH, Meerle), het Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen (PCG, Kruishoutem) en het Vlaams Centrum voor Bewaring van Tuinbouwproducten (VCBT, Heverlee).

Lava
Flandria
Nieuws
Contact